Basisonderwijs  
Leerlingzorg PO
Kennisnet Speciaal Onderwijs Archief

Marianne's materiaal voor kinderen met spraaktaalmoeilijkheden

appovlap Auteur: Edwin Oomen, webredacteur Kennisnet Speciaal Onderwijs cluster 2 en ambulant begeleider en ict-coördinator op De Spreekhoorn in Breda.
Voor het laatst gewijzigd op: 22 januari 2010


Marianne Verweij, werkzaam als ambulant begeleider bij Auris dienstverlening in Houten, heeft speciaal voor leerkrachten en ambulant begeleiders in het cluster-2 onderwijs een website met praktisch materiaal gemaakt. Edwin Oomen vroeg Marianne naar haar achtergronden en beweegredenen.

Marianne is vanaf  1976 werkzaam in het cluster 2 onderwijs. Ze heeft als leerkracht gewerkt in diverse groepen zowel met slechthorende kinderen als met kinderen met ernstige spraak-taal moeilijkheden (ESM-leerlingen). De ESM- leerling is haar specialiteit geworden.  Marianne heeft  gewerkt op de Bertha Mullerschool en op de Taalkring in Utrecht. Ook heeft ze  als RT-er en IB-er en afdelingsleider gewerkt op de Taalkring. 

Vanaf 1991 is Marianne gaan werken als AB-er en is ze  betrokken geweest bij de opzet van de dienst AB. Na ook enige jaren gewerkt te hebben als werkbegeleider van de AB-ers heeft ze besloten zich weer helemaal te gaan richten op het begeleiden van AB leerlingen, omdat haar kennis en interesse bij de inhoud van het werk ligt. Marianne is  haar site gaan maken, omdat ze vindt dat kennis gedeeld moet worden. Scholen, ouders en collega's kunnen zo makkelijk bij informatie komen. ICT is het middel om kennis te delen en te verspreiden.

De behoefte aan praktijkinformatie blijkt volgens Marianne o.a. uit de volgende voorbeelden.

  • Vanuit de directe praktijk komen vragen op het gebied van spraak- taal- communicatieproblemen en de gevolgen ervan voor het leren op school. Je kunt daarbij denken  aan leren lezen, begrijpend lezen etc.  Leerkrachten vragen zich af wat  kan er in de extra tijd (en eventueel  in de groep) specifiek gedaan worden voor dit kind met zijn / haar problemen op het terrein van cluster-2.
  • Er is op de reguliere scholen een behoefte aan concreet materiaal op het gebied van taalontwikkeling met een didactische opbouw voor kinderen met ESM problemen. Dit is mij gedurende vele jaren gebleken. De bestaande methodes en programma’s klimmen te snel op in moeilijkheid en zijn niet afgestemd op kinderen met ESM.
  • Vanuit de logopedie wordt op een andere manier gewerkt (voordoen, ingaan op uitingen van het kind , aanvullen etc.)  gericht op het overnemen van taal door het kind. Dit laat zich niet eenvoudig overdragen naar de begeleiding op school.
  • Veel oudere kinderen hebben geen logopedie meer; zijn uitbehandeld; therapiemoe etc. .
  • Ouders stellen vragen over  de specifieke hulp die zij kunnen bieden ter ondersteuning van hun kind. Bijvoorbeeld: “Welke boeken kan mijn kind dan lezen? “ of: “ Hoe kan ik woordenschat oefenen met mijn kind?”.

Marianne baseert zich op een aantal theoretische achtergronden. Op basis van deze achtergronden is Marianne naast het onderhouden van genoemde site bezig met het ontwikkelen van het lesprogramma  “Spelen met Taal”. De volgende onderdelen worden daarbij uitgewerkt:

  • ‘spelen’ met klanken: auditieve training t.b.v. de  leesvoorwaarden
  •  ‘spelen’ met woorden: woordenschat
  • ‘spelen’ met zinnen: zinsbouw mn voor oudere ESM kinderen
  • ‘spelen’ met verhalen: verhaalopbouw en verhaalbegrip voor ESM kinderen

Het leren van taal en het leren gebruiken van taal vindt bij een normale ontwikkeling plaats door de interactie met volwassenen die taal aanbieden, corrigeren en uitbreiden. (Dit wordt ook wel het VAT principe genoemd:  taal “vangen” – aanpassen- teruggeven).
Bij kinderen met een spraak/taalachterstand heeft deze vorm van taal leren niet geleid tot een normale taalontwikkeling. Dat betekent dat taal ook heel bewust, gepland en doelgericht, gestructureerd en zeer frequent aangeboden moet worden. Directe instructie speelt een leidende rol in  taalonderwijs en taalactiviteiten.

Het  door Marianne beoogde programma “Spelen met Taal”is opgezet volgens een cognitieve aanpak met een didactische opbouw, directe instructie, veel visuele ondersteuning en veel herhaling met daarbij veel extra oefenmateriaal in de vorm van bijvoorbeeld werkbladen. Om met diverse doelen te werken moet er ook een beginsituatie worden vastgesteld. De toets- en observatielijsten (bijvoorbeeld: bieden hier een mogelijkheid voor. Het kind kan hiermee met zijn problematiek in beeld gebracht worden.
 
Lezen is het decoderen en beschrijven van tekst. Onder voorbereidend lezen wordt het spelend bezig zijn met geschreven tekst in groep 1 en 2 ten behoeve van  de beginnende geletterdheid verstaan. Het programma “spelen met klanken’ (auditieve training in verband met de  leesvoorwaarden) is geheel gericht op tussendoel nr. 5 “Taalbewustzijn” van de “tussendoelen beginnende geletterdheid van Ludo Verhoeven en Cor Aarnoutse”.

Een punt van aandacht is volgens Marianne de relatie onderwijs – logopedie. Goed overleg tussen logopedie en school is vaak lastig.  Volgens Marianne is er behoefte aan programma’s waarmee RT-ers en leerkrachten in het regulier onderwijs, en misschien ook in het SO aan het werk kunnen.

Naast het onderhouden van de site gaat ze zoals beschreven verder met het uitwerken van het programma “Spelen met taal”. Hierover komt over enige tijd meer informatie beschikbaar op haar site.

Meer informatie



Marianne Verweij

U kunt contact opnemen met Marianne Verweij via het contactformulier op de website www.marianneverweij.nl. Het gratis materiaal vindt u door in het menu te klikken op Taalinterventies, Observatie & overzichtslijsten, RT programma's of Overige informatie. WEBSITE (TIJDELIJK?) OFFLINE

Meer informatie over ESM vindt u in onze orthotheek.


© Kennisnet | Disclaimer | Over ons | Contact